Blog  ·  25 februariVolgende Fase van Testen met Autonoom Bagagevoertuig

In de afgelopen maanden hebben Schiphol en KLM een autonoom bagagevoertuig getest op Amsterdam Airport Schiphol, in nauwe samenwerking met leverancier Aurrigo. De eerste fase van deze testperiode duurde van augustus 2024 tot februari 2025. Tijdens deze fase is het voertuig verder ontwikkeld en verbeterd om om te kunnen gaan met de complexe operationele omgeving op de luchthaven. Om het proces van heet-koud scheiden te ondersteunen (verder uitgewerkt in ons vorige artikel), zijn verschillende routes vooraf gedefinieerd. Deze routes vormden de basis voor de eerste fase van het proof of concept, die nu succesvol is afgerond.

Afbeelding Autonoom Bagagevoertuig

Tijdens de eerste fase van deze proof of concept hebben we verschillende routes op de luchthaven verkend. Om het proces van heet-koud scheiden te faciliteren, start het autonome voertuig op het platform, waar het een vooraf samengestelde container gevuld met 'koude' bagage ophaalt. Deze route gaat naar een externe 'buffer', waar we de container met bagage tijdelijk opslaan. De bagage, die na een bepaalde tijd ingevoerd moet worden, wordt door het voertuig opgehaald en naar de bagagehal gebracht, waar de container wordt uitgeladen en de bagage in het bagage afhandelsysteem wordt ingevoerd. De eerste fase van het project bestond uit het autonoom navigeren van het merendeel van deze routes, waarbij zowel buiten rijden (op de randwegen) als binnen rijden (in de bagagehallen) binnen scope viel. Na enkele maanden van iteratieve ontwikkeling hebben we deze eerste fase kunnen afronden. We hebben gevalideerd dat het voertuig de vooraf gedefinieerde routes met voldoende vertrouwen kan afleggen, en we geloven dat we het voertuig verder kunnen ontwikkelen richting volledig autonoom rijden zonder manuele interventies.

Volgende stappen

In de tweede fase van het project zullen we de kwaliteit van de routes verder verbeteren, met de nadruk op het verhogen van de snelheid op de gereden routes. Bovendien zullen we de capaciteiten van het voertuig uitbreiden door ook het dokken en interfacing met de infrastructuur van de bagagehallen te testen. Autonoom dokken, een beweging waarbij het voertuig bijvoorbeeld naar een rolband of een dolly dokt, stelt het voertuig in staat om te interfacen zonder menselijke tussenkomst. De Aurrigo Autodolly Tug kan in alle richtingen bewegen, waardoor het voertuig zijwaarts naar een rolband kan rijden. Dit minimaliseert de benodigde ruimte minimaliseert, dat is vooral handig in een krappe bagagehal. Het interfacen zelf, het op en afzetten van een bagagecontainer op een rolband, zal ook volledig autonoom gebeuren. Dit vereist dat het voertuig de container detecteert en het met behulp van de ‘armen’ de container oppakt. Deze armen bewegen voorbij de container en trekken hem op het voertuig. Hierdoor is er geen menselijke tussenkomst nodig, wat de fysieke belasting van de bagageafhandelaars aanzienlijk vermindert. De ontwikkeling van het dokken en interfacen zal zowel binnen de bagagehallen als buiten plaatsvinden. Dit geeft ons de mogelijkheid om verschillende scenario's te testen en te valideren, zoals uitdagende weersomstandigheden, weinig licht en andere variabelen.

Het einddoel

We zullen het Aurrigo-voertuig, samen met KLM, tot het einde van dit jaar testen. In die tijd zullen we het voertuig verder ontwikkelen en onze hypothesen valideren, met als einddoel een voertuig dat autonoom specifieke routes rond de perimeterwegen, de bagagehallen en op het platform zelf kan navigeren. Jan Zekveld, Head of Innovation bij Royal Schiphol Group: ‘Wij streven ernaar om tegen 2050 een van 's werelds meest duurzame en toonaangevende luchthavens te exploiteren. Daarom zetten we in op het creëren van een meer duurzame, emissievrije grondoperatie. We vervangen de voortuigvloot met een verbonden netwerk van autonome, emissievrije voertuigen. Daarmee automatiseren we alle gerelateerde processen. Ook in een autonome grondoperatie blijft een belangrijke rol voor de medewerker weggelegd. Het werk zal gevarieerder en meer aansturend zijn.’